Fight, Flight,Freeze, F*** it
08 december 2018

Fight, Flight,Freeze, F*** it

Je bent nog een baby, geboren uit liefde, wanneer je tussen papa en mama in, in het grote bed ligt. Papa en mama lachen, knuffelen met elkaar en ook met jou. Papa kietelt je een beetje. Je moet erom lachen. Dan kietelt hij mama. Je verwacht dat ze ook gaat lachen. Dat is niet wat er gebeurt. ‘Fucking kolerelijer’, schreeuwt ze tegen papa. ‘Blijf met je poten van me af’. Ze draait zich om. Jij ziet alleen nog haar rug. ‘Fuck. ‘Fucking teringwijf’, schreeuwt papa terug terwijl ook hij zich omdraait.

En jij? Je hart klopt in je keel, je spieren verkrampen, je balt je handen tot vuisten. ‘’Wat gebeurt er?’ denk je. Je maakt je zo klein mogelijk en durft bijna geen adem te halen. Je bent zo geschrokken dat je moet huilen. Je tranen willen niet komen.

Je bent twee jaar. Op de tafel staat een bakje met allemaal kleine, gekleurde dingetjes erin. Wat het is weet je niet. Het maakt je nieuwsgierig. Hoe zal het voelen? Je reikt met je hand ernaartoe. Dan geeft papa een schreeuw: ‘Blijf met je handen van de fucking steentjes af’ en hij geeft je een tik op je vingers. Je schrikt zo. Meer van de schreeuw dan van de tik. Je krimpt ineen, houdt je een paar seconden stil en je kan er niets aan doen: Je moet zo hard huilen. Je kunt niet meer stoppen. ‘Stil jij. Het is je eigen schuld’, schreeuwt papa.

Je bent drie jaar en een paar maanden. Vandaag hebben jullie gewinkeld. Papa, mama en jij. Je hebt een nieuwe jas gekregen en nieuwe schoenen. Zwarte schoenen met klittenband. Dat is makkelijk. Dan kan je ze zelf aan en uit doen. Jullie zijn blij en gaan nog een ijsje halen. Jij mag twee bolletjes. Als je ijsje bijna op is morst er een beetje op je hand. Per ongeluk raak je daarbij mama s jas aan. ‘Fucking’, schreeuwt ze. ‘Je zit met je handen aan mijn fucking nieuwe jas’. Ze duwt jou hard bij haar vandaan. Je schrikt, verkrampt, houdt je adem even in en moet daarna heel hard huilen. Eigenlijk is het huilen best wel weer snel over. Je weet dat er verder toch niets gebeurt en je straks weer een knuffel krijgt.

Je bent vier jaar. Je zit net op school en staat op het schoolplein te bedenken wat je zult gaan doen. Plots rijdt er een jongen met de skelter tegen je been aan. Je ziet het niet aankomen en schrikt er van. Fuck!’ schreeuw jij. ‘Fucking jij!’ Je loopt naar hem toe en je geeft hem een schop. De jongen begint gelijk te huilen. ‘Het is zijn eigen schuld. Moet hij maar voorzichtig zijn’, denk jij.

Je schrikt wanneer de juf heel boos naar jou komt toegelopen. ‘Wat? Wat zeg jij? Zo doen we hier niet. Ga maar even afkoelen op de bank in de hoek’. Je krimpt in elkaar, je spieren verkrampen, je handen ballen tot vuisten. Wat gebeurt er? Het was toch niet mijn schuld? Je houdt je adem in en houdt je zo stil mogelijk. Je wil wel huilen. Je tranen komen niet.

Je bent vijf en een half jaar. Vandaag zijn jouw papa en mama met zes andere mensen aan het praten. Het gaat over jou. Ze bespreken of je op deze school mag blijven. Ze vinden je brutaal en agressief. Als er iets gebeurt dat je niet leuk vindt gebruik je scheldwoorden en soms ga je daarbij duwen, slaan of schoppen. Een paar mensen denken dat er iets mis gaat in je hoofd en willen graag dat er een onderzoek komt.

Je bent zes en half jaar. Je zit nu vier maanden op een andere school. Of het hier nou zo leuk is weet je niet. Je doet hard je best je te ‘gedragen’ en niet meer brutaal te zijn.

Vandaag is dat weer niet gelukt. Je zit in de hoek, op de grond. Je armen om je benen. Je hoofd tussen je knieën. Je huilt niet meer. Dat doe je eigenlijk nooit meer. Je bent er niet meer verdrietig om, heb je me wel eens verteld.

Zo is het hoe ik je aantref. Stil, in-één-gekrompen, een lijfje dat na schokt van dat wat er was. Ik weet niet hoe lang je daar al zit. Vijf minuten? Een kwartier?

‘Mag ik naast je zitten?’ vraag ik. Je blijft zitten zoals je zit en haalt je schouders op. Voorzichtig zak ik op mijn billen, buig mijn knieën en sla mijn armen om mijn benen. ‘Dit is niet leuk he’ zeg ik. ‘Nee’ zeg jij, nog steeds met je hoofd tussen je knieën ‘Het is niet eerlijk’.

En zo zitten we met zijn tweeën naast elkaar en we hoeven even helemaal niets.

https://www.linkedin.com/carla-van-wensen/